Onze visie op de energietransitie binnen de staalindustrie
Staal vormt de basis van de gebouwde omgeving. Onze huizen, werkplekken, de infrastructuur waar we over rijden en de windturbines die we onderweg passeren bestaan allemaal voor een belangrijk deel uit staal. We kunnen simpelweg niet zonder. Maar de manier waarop staal nu wordt gemaakt veroorzaakt bijzonder veel CO₂‑uitstoot. De staalindustrie is volgens internationale schattingen verantwoordelijk voor ongeveer 7 tot 10% van de wereldwijde broeikasgasemissies en behoort daarmee tot één van de meest vervuilende sectoren. De uitstoot van de sector en de vraag naar staal nemen al jaren structureel toe. Hetgeen haaks staat op de universele doelstelling om klimaatverandering te willen beperken tot +1.5oC – conform het Klimaatakkoord van Parijs. Daarom bepleiten wij als lange-termijn investeerder in de sector een transitie van staalproductie met torenhoge emissie op basis van kolen in hoogovens – naar vrijwel emissievrije productie met behulp van waterstof.
Hoogovens
Tot de dag vandaag wordt het meeste staal geproduceerd in hoogovens. Waarbij metallurgische kolen worden gebruikt om ijzererts te verhitten en als bron van koolstof waarmee zuurstof uit ijzererts kan worden verwijderd. Dit proces is zeer energie‑intensief en zorgt voor grote hoeveelheden CO₂-uitstoot. Ongeveer 70% van al het staal wereldwijd wordt op deze manier geproduceerd, en dat is goed voor het overgrote deel van de uitstoot van de sector.
Er bestaan gelukkig ook al alternatieve productiemethoden met veel lagere emissies:
- Elektrische boogovens (EAF’s): deze ovens smelten bestaand staalschroot (afval) met elektriciteit. Als die elektriciteit duurzaam wordt opgewekt, is de uitstoot veel lager. Het nadeel is dat er wereldwijd niet genoeg geschikt schroot beschikbaar is om in de alsmaar groeiende vraag naar staal te voorzien.
- Staal maken met waterstof: een veelbelovende oplossing is het gebruik van groene waterstof in plaats van kolen. Hierbij komt geen CO₂ vrij, maar alleen waterdamp. De uitdaging is dat er nog weinig betaalbare groene waterstof beschikbaar is.
- Combinaties van technieken: de eerder genoemde technieken (hoogovens, elektrische boogovens en waterstof) kunnen ook worden gecombineerd. Voorbeelden hiervan zijn waterstofinjectie in hoogovens en waterstof of gas gebaseerde techniek i.c.m. elektrische boogovens (HDRI-EAF).
De transitie naar deze alternatieven vergt grote investeringen, maar verschillende studies laten zien dat schoon staal economisch haalbaar is of snel lijkt te worden, mede door: CO₂‑prijzen, nieuwe eisen vanuit milieuwetgeving en de toenemende vraag naar duurzaam geproduceerde materialen.
Dialoog
Als lange-termijn investeerder, die wil helpen om klimaatverandering te beperken tot +1.5oC, gaan wij in dialoog met staalbedrijven (vaak ook gezamenlijk met andere partijen) om hen te vragen snel mee te gaan in deze transitie. Niet alleen uit milieu- maar ook uit bedrijfseconomische overwegingen. Het is nu zo dat veel Europese staalproducenten de strijd met Amerikaanse concurrenten verliezen omdat deze goedkoper en milieuvriendelijker kunnen produceren in elektrische boogovens dan zij in hoogovens.
Ook vragen wij partijen in de keten om mee te bewegen met deze energietransitie in de staalindustrie. We volgen bijvoorbeeld kritisch of mijnbouwbedrijven nog plannen hebben voor nieuwe mijnen voor metallurgische kolen, die specifiek nodig zijn in hoogovens maar kunnen worden vervangen door waterstof.
Lees meer over Klimaatverandering & Energietransitie