Ondanks alle inspanningen om broeikasgasemissies te reduceren, neemt de uitstoot nog steeds toe en wordt het doel van het Klimaatakkoord van Parijs om de opwarming van de aarde te beperken liefst tot maximaal +1,5 graden Celsius, steeds uitdagender. In dat kader is het goed als bedrijven kritisch kijken of hun klimaatplannen voldoende ambitieus zijn.
Ondanks alle inspanningen neemt de wereldwijde CO2-uitstoot nog steeds verder toe. In 2025 nam de uitstoot opnieuw toe met 1,1% (Global Carbon Tracker, 2025). Samengevat, groeit de opwekking van hernieuwbare energie snel, maar neemt de totale energievraag wereldwijd nog sterker toe (Global Carbon Tracker, 2025). Daardoor ligt de wereld niet op koers om de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs te realiseren, om klimaatverandering te beperken tot minder dan +2oC en te streven naar +1,5oC t.o.v. pre-industriële niveaus (UNFCCC, 2015). De temperatuur ligt nu al circa 1,2°C boven pre industrieel niveau (EEA, 2025). Zonder snelle reducties raakt het CO₂ budget volgens huidige schattingen vóór 2030 uitgeput (Carbon Tracker, 2025).
Het verschil tussen +1,5oC en +2oC is groot
Door opwarming te beperken tot +1,5oC kunnen sommige catastrofale effecten worden voorkomen, voor mens en milieu maar ook voor de economie. Ter illustratie, wanneer klimaatverandering wordt beperkt tot +1.5oC zal naar schatting 14% van de wereldbevolking eens in de vijf jaar extreme hittegolven ervaren – maar bij +2oC neemt dit toe tot 37% (UN IPCC, 2025). De economische impact neemt in projecties ook snel toe, van ~0,3% naar ~0,5% wereldwijd BBP verlies in 2100 (IPCC, 2025). Wereldwijde beleggingsrendementen, op aandelen, worden hier volgens verscheidene projecties (in reële termen) hard door geraakt.
Inconvenient truth
Deze ‘inconvenient truth’ sluit ook aan bij de praktijk onder beursgenoteerde bedrijven. Slechts een klein deel hiervan (12%) ligt op basis van de ‘temperature allignment’ op koers voor +1.5oC (MSCI, 2025). De doelen van de meeste andere blijven hier ver op achter: 26% van de bedrijven heeft doelen in lijn met het beperken van klimaatverandering tot maximaal +2oC, 36% tussen de +2oC en 3.2oC (36%), en de laatste 26% heeft praktisch geen doelen of beleid (in lijn met >3.2oC ; MSCI, 2025).
Institutionele investeerders voeren al jaren de druk op richting bedrijven om doelen te formuleren die in lijn zijn met het +1,5°C‑scenario. Hierin lopen Nederlandse partijen voorop. Bovenstaande cijfers onderschrijven echter dat er meer actie nodig is.
SBTi
Beleggers zouden nog kritischer kunnen zijn over de klimaatdoelen van bedrijven door te kijken of deze in lijn zijn met op klimaatwetenschap gebaseerde normatieve emissiereductiepaden gericht op een maximale temperatuurstijging van +1.5oC. Onafhankelijke validatie door partijen als het Science Based Targets initiative (SBTi) helpt om het ambitieniveau van doelen goed te toetsen. Eind 2025, waren de klimaatdoelen van 19% van de bedrijven in de MSCI ACWI door het SBTi gevalideerd (MSCI, 2025; SBTi, 2026). Waaronder ook bedrijven met doelen die in lijn zijn met +2oC en waarvan de doelen voor korte- of middellange termijn zijn gevalideerd (‘near-term targets’).
Op basis van de ‘temperature allignment’ beoordelingen van bedrijven, zouden veel bedrijven hun doelen nog aan moeten scherpen om deze te kunnen laten valideren door het SBTi.
De positieve kant
Het goede nieuws is dat de economische haalbaarheid van zulke doelen is toegenomen. Dit komt met name doordat energie uit hernieuwbare bronnen afgelopen jaren snel goedkoper is geworden, sinds 2010: wind op land -55%, zon -87%, en batterijopslag -93% (IRENA, 2026). Volgens het IRENA (2026) zijn energiesystemen met uitsluitend opwekking uit zon en wind gecombineerd met opslagcapaciteit in veel regio’s nu al zelfs kostenefficiënter dan systemen met een aandeel energieopwekking uit fossiele brandstoffen.
Ook voorzien steeds meer wetenschappers een scenario waarbij het mogelijk is dat klimaatverandering kort verder oploopt dan +1,5oC (‘limited overshoot’) en daarna door het grootschalig afvangen en opslaan van CO2 weer afneemt. Ondanks alles is het algemene sentiment rondom verduurzaming en de energietransitie momenteel negatief. Engagement kan helpen om bestuurders alsnog over de streep te trekken om deze stap te zetten.
Kritisch kijken
Voordat institutionele investeerders aan bestuurders vragen om kritisch te kijken naar hun klimaatdoelen, moeten zij ook zelf ‘kritisch in de spiegel kijken’. Ten opzichte van andere sectoren lopen financiële instellingen namelijk nog achter met SBTi validatie. Terwijl voor de haalbaarheid van doelen grofweg in de pas zou moeten lopen met de stand van de transitie in de reële economie. Bovendien, zouden zij vanuit hun rol door science-based doelen o.b.v. de SBTi-richtlijnen te implementeren (het meest expliciet door het stellen van ‘portfolio coverage’ doelen) als hefboom kunnen fungeren en daarmee voor een verdere versnelling kunnen zorgen.
----------------------------------------------------------------------------------------------
Bronvermelding:
• Global Carbon Budget (2025), Global Carbon Budget Report 2025, ESSDD - Global Carbon Budget 2025
• UNFCCC (2015), Paris Agreement, https://unfccc.int/files/essential_background/convention/application/pdf/english_paris_agreement.pdf
• EEA (2025), Global and European temperatures, Global and European temperatures | Indicators | European Environment Agency (EEA)
• UN IPCC (2025), Special report: Global Warming of 1.5ºC, https://www.ipcc.ch/sr15/download/#language
• MSCI (2025), Transition Finance Tracker: A quarterly report on financing the shift to a low-carbon economy, MSCI-Transition-Finance-Tracker-Q4-2025-290125_2.pdf
• SBTi (2026), Target dashboard, Target dashboard - Science Based Targets Initiative
• IRENA (2026), 24/7 Renewables Outcompete Fossil Fuels on Costs, 24/7 renewables: The economics of firm solar and wind